|
|
|
 |
| De onder CUPS geconfigureerde Laserprinter
als netwerkprinter inzetten |
Na het lezen van tip
10, zijn we in staat om de geconfigureerde printer toegankelijk
te maken in het Appletalk-netwerk. We kunnen dan met behulp
van de Linuxserver, de printopdrachten laten uitvoeren. We
gebruiken de Linuxcomputer dus als 'printserver'. We gaan
ervan uit dat u op zijn minst twee computers heeft. Een daarvan
is de Linux-computer die in contact staat met de andere (Mac)-computer.
In deze handleiding gaan we de geconfigureerde Laserprinter
via Linux aansturen vanuit de andere computer. In mijn geval
draait op een PowerMac 7600 Mandrake 8.2 en op de iMac OS9
en OSX. We gaan zo direct vanuit de iMac onder MacOS, printen
via de linux-printserver.
De naam van de printer is 'Lasertje', dit is vastgelegd in
de hardware van de printer. We kunnen de printer reeds aansturen
onder Linux vanuit verschillende applicaties met CUPS en willen
dus nu dat hij wordt aangesproken door via een Appletalk-aangesloten
Mac. Daartoe hoeven we slechts een klein regeltje toe te voegen
in het /etc/atalk/papd.conf
bestand.
Linuxprinter:\
(de naam zoals hij wordt weergegeven in de Kiezer)
:pr=|/usr/bin/lpr -P Lasertje:\
:pd=/usr/share/cups/model/apple/aplw3201.ppd
(de route naar het PPD-bestand)
Nadat we de Appletalk service op de Linuxbox opnieuw hebben
opgestart, zal in de Kiezer, onder' Laserwriter 8', de nieuwe
printer te zien zijn (als 'Linuxprinter'). Deze wordt dus
aangestuurd via de printserver die onder de motorkap van de
Linuxbox draait. Onder OSX kunnen we met behulp van het Printer-programma'tje,
ook de 'Appletalk'-printer toevoegen. Als we deze printer
gekozen hebben en we sturen een printjob hier naar toe, zal
de Linuxbox de job verder afhandelen en doorsturen naar de
printer. De printserver doet zijn werk...
service atalk restart (hiermee
wordt appletalk opnieuw opgestart) |
| |
|
 |
|